Formatief toetsen en keuzeprogramma’s op Twickel College Borne

Twickel Borne is een kleinschalige onderbouwlocatie met zo’n 350 leerlingen. Het onderwijsaanbod is breed: van vmbo tot en met havo en vwo. Audrey Naafs is als leerlingcoördinator en wiskundedocent al 13 jaar aan de school verbonden. ‘De kleinschaligheid van de school zorgt ervoor dat leerlingen zich geborgen, gezien en gekend voelen, door elkaar en door ons. Daarnaast vinden we leren op eigen niveau en in eigen tempo erg belangrijk en dus ontwikkelen we ons als team in het formatief evalueren en proberen we leerlingen meer eigenaar te maken van het leerproces door ook keuzes te bieden.’
Eerst even de context
Audrey: ‘We werken op Twickel Borne met een specifieke doelgroep: de onderbouwleerling. Daar hebben onze docenten allemaal bewust voor gekozen. Eersteklassers zijn echt anders dan derdeklassers. Sommigen zijn nog heel speels, anderen hebben echt geen idee hoe het werkt op het VO en weer een ander deel vindt de overgang heel makkelijk. Voor hen is het fijn dat hier mensen zitten die dat zien en de nodige ondersteuning kunnen bieden. We hebben allemaal onze specialisaties op dat vlak.’
Stap voor stap naar het eigen niveau
‘Mede daarom bouwen we het hier rustig op. Zoals veel meer scholen werken we op onze school met dakpanklassen, maar de kinderen starten binnen een dakpanklas in principe allemaal op hetzelfde niveau. Zo kunnen ze eerst wennen aan het VO. Bij rapport 1 bekijken we dan welke leerlingen een theoretischer niveau aankunnen. Zij stromen dan op, als ze willen. Op die manier vinden ze hun eigen niveau.’
Formatief toetsen
‘Dit schooljaar zetten we bewust in op de ontwikkeling van het formatief evalueren. Hierbij staat het formatief evalueren in dienst van het leren van de leerling. Het biedt zowel de docent als de leerling inzicht in het leerproces. We willen graag naar meer doelgericht in plaats van toetsgericht werken. Hierin worden we ondersteund door de experts van Vernieuwenderwijs.
Op basis van de uitkomst van de formatieve evaluatie bepaalt de docent of verdieping, verbreding of herhaling nodig is. Ook voor de leerling is het belangrijk om te zien wat hij al kan en nog wil (of moet) leren. Op basis daarvan kan hij meedenken over wat-ie nog nodig heeft: bijvoorbeeld de docent, klasgenoten of digitale lesstof. Zo moeten leerlingen steeds meer eigenaar worden van hun eigen ontwikkeling. Maar zover zijn we nog niet. Het is een meerjarenplan om formatief toetsen te implementeren.’
Praktisch gezien
‘Formatief evalueren is dus nog niet de norm. We zitten in het verkennende stadium, maar sommige collega’s zijn al best ver. Eén collega heeft bijvoorbeeld exit-tickets gemaakt. Als je die behaalt, dan ben je klaar met een bepaald onderwerp. Leerlingen krijgen een ticket als ze hebben laten zien dat ze de stof beheersen. Hoe, dat mogen haar leerlingen zelf bedenken, maar kan bijvoorbeeld door een filmpje erover te maken, een presentatie of een verslag. Behaal je geen exit-ticket, dan is er dus nog wat werk aan de winkel. Cijfers zijn dan ondergeschikt of zelfs helemaal niet relevant.
Formatief evalueren betekent ook dat je als docent kritisch bent op je eigen handelen. Ik bespreek daarom regelmatig in mijn wiskundelessen of het doel van de les wel duidelijk was. Of ik de lesstof duidelijk genoeg heb uitgelegd en zo niet: wat zij van mij nodig hebben om het doel (alsnog) te behalen. De leerling moet zichzelf dus ook de vraag stellen: Hoe krijg ik voldoende kennis over dit onderwerp? Zo stimuleren we de leerling om zich eigenaar te voelen van het leerproces. En ja, dat is voor leerlingen – en ook voor docenten trouwens − nog een lange weg. Daarom voeren we het ook niet van de een op andere dag in, maar het begin is er.’
Leren op je eigen manier, in je eigen tempo
‘Naast het formatief evalueren zijn we overigens ook druk met het ontwikkelen van keuzeprogramma’s voor leerlingen waarin ze klas- en niveau-overstijgend aan de slag gaan. Denk aan flexuren waarin leerlingen kunnen kiezen voor sport, kunst of techniek. Verder bieden we leerlingen ruimte om binnen projecten te leren vanuit een specifiek thema. Hierbij zorgen we voor betekenisvolle opdrachten die aansluiten bij de huidige maatschappelijke ontwikkelingen. Er is dan, naast kennis, veel aandacht voor vaardigheden. Leerlingen kunnen in zo’n week zelf kiezen of ze de boeken induiken of liever de natuur ingaan of een praktische opdracht willen doen. Ook dat hoort bij leren op je eigen manier en in je eigen tempo. Daar willen we ons graag in onderscheiden. Door ons onderwijs op maat hopen we beter zicht te krijgen op waar de leerling staat en wat hij of zij nodig heeft om zich te ontwikkelen.’
