Op het Greijdanus schijnt op elke leerling een lichtje

Het Greijdanus is een VO-scholengemeenschap met vier vestigingen in het oosten van Nederland: Meppel, Zwolle, Hardenberg en Enschede. Aan het hoofd van het Greijdanus in Enschede staat Martin Brouwer. ‘Passend onderwijs betekent voor ons dat we aansluiten op de ondersteuningsbehoefte van élke leerling. En volgens mij zijn we op de goede weg. Onze aanpak voor de leerlingen die meer aankunnen, is zelfs de Onderwijsraad opgevallen.’
Vertel eerst eens iets over de school..
‘We zijn een kleinschalige, gereformeerde school. Ons motto is: ‘Schitteren in Zijn licht’. Wij vinden dat elke leerling op zijn eigen manier authentiek is en dat mag uitstralen. Je kunt en mag op het Greijdanus daarom leren op een manier die bij je past. Kijk, er volgen hier zo’n 200 leerlingen onderwijs op vmbo-, havo- en vwo-niveau, maar aansluiten bij de leerling gaat niet alleen over cognitie, het gaat ook heel erg over iemands vaardigheden en competenties en drijfveren.’
Hoe ziet dat er in de praktijk uit?
‘De mentoren maken groepsplannen, net zoals in het basisonderwijs en we bespreken tweewekelijks de voortgang van een klas. Wij kijken daarbij bewust naar elke leerling: wie ben je, waar liggen je talenten, welke ondersteuningsbehoefte heb je en welke oplossingen zijn er? En daar handelen we naar. Gepersonaliseerd onderwijs noem ik dat. Ik voel me daar heel prettig bij, want passend onderwijs aanbieden is belangrijk. Niet alleen voor leerlingen die moeite hebben met leren, maar ook voor hen die meer aankunnen dan de standaard.’
Hoe ga je om met leerlingen die meer aankunnen?
‘Op het Greijdanus werken we met drie profielen: stimulerend, sturend en zelfverantwoordelijk. Aan elk profiel hangt een bepaalde mate van ondersteuning. Zo’n 10-15 leerlingen werken binnen het meest zelfstandige profiel. Deze leerlingen hebben een eigen werkruimte (die ik afsnoepte van de docenten) en kiezen zelf welke lessen ze willen volgen, afhankelijk van hun leerbehoefte. Ze zijn wel verplicht aanwezig bij de dagopening, bij gym en bij godsdienst.
Deze leerlingen worden begeleid door een talentcoach. Met haar bespreken ze hoe het gaat en reflecteren ze zelf op hun voortgang. En dat werkt. Ze zijn beter gemotiveerd en houden tijd over voor andere dingen. Zo richtte één leerling in die extra tijd een bedrijfje op, ging een andere stagelopen in de praktijk van haar moeder en maakte een derde een werkstuk over een onderwerp waar hij enthousiast over was.
Ook de leraren zijn enthousiast, zelfs al is bijvoorbeeld het opstellen en bijwerken van zo’n groepsplan enorm veel werk. Dat heeft alles te maken met onze visie. Die vormt de basis van al ons handelen en daar staan de docenten voor de volle honderd procent achter. Ook omdat ze zien welk effect het heeft. En volgens mij zijn we op de goede weg. Dus als een partij als de Onderwijsraad ons als voorbeeld noemt in haar onderwijsrapport ‘Steeds inclusiever’.. ja, dan ben ik daar wel trots op.’
